Het Vrije Brein en een wiskundemeisje

on

Ik had zo graag een Wiskundemeisje willen zijn, maar dat was ik niet en dit ben ik nooit geworden. Ik heb dit wel geprobeerd. Tot aan de zesde klas had ik Wiskunde als achtste vak. Op een dag kreeg ik mijn toets terug en had alweer een 5,5. Daar was ik trouwens hartstikke blij mee. Het was een hele lastige toets geweest. Maar mijn wiskundeleraar vroeg: snap jij, eigenlijk wel wat je hebt uitgerekend?

Hij wees op een speciale opgave, waarbij de berekening bijna onleesbaar was geworden. Ik antwoordde na wat aarzelen: nee. En vroeg: Is het antwoord wel goed? Mijn beste vriendin naast me sprak fel: Ja. Het is gewoon goed. Hij vond van niet.

Deze vriendin leerde mij Wiskunde beter begrijpen. Zij vertaalde de vragen van Wiskunde A naar B. Als ik een verhaal over soep verdelen kreeg moest ik iets uitrekenen, maar wist ik niet wat. Ik kookte wel graag en deed dit altijd met wat er was. Soms lengde ik wat aan met water en proefde of het op smaak was. Als ik zag dat er te weinig was, gaf ik er gewoon meer brood bij. Gelukkig gaf die vriendin me dan een andere som, waarbij ik wel moest leren berekenen.

Op een gegeven moment smeekte mijn wiskunde leraar: hou er nou mee op. Dit kost je teveel tijd. En mij ook. Je snapt het toch niet. Ik kwam huilend thuis. Mijn moeder kon wel wiskunde en zei ook stop er nou maar mee, je wordt er vervelend van. Maar ik wilde ook zo graag kunnen goochelen. En soms lukte het. Dan keek ik naar een som en vulde een formule in en daarna rolde er een antwoord uit. Alleen wanneer ik het niet begreep, staarde ik uren naar een vraag. Dan kwam ik niet toe aan de rest van mijn huiswerk.

Laatst tuurde ik naar mijn computerscherm op mijn werk om iets op te zoeken. Er kwam een oud-collega aan, zij vroeg hoe het met mij ging. Ze is een oud kleuterjuf, een vrouw die dwars door je heen kijkt. Dus vertelde ik direct over mijn puberdochters en mopperde wat over het onderwijs.

Zij raadde mij het boek Het Vrije Brein van Idriss Aberkane aan. De titel is behoorlijk cliché en het omslag lelijk, toch las ik het graag. Maakte zelfs notities en las thuis wat hardop voor:

Erger nog we idealiseren technologische vooruitgang, ridiculiseren spiritualiteit en wijsheid, en onze bewustwording heeft geen gelijke tred gehouden met onze technologische vorderingen. Wat wijsheid betreft zijn we nog niet volwassen, waardoor onze samenleving een gevaar is voor zichzelf.

Later las ik stilte: Wetenschap zonder geweten is de ondergang van de ziel en dacht misschien is een leraar zonder geweten wel de ondergang van een kinderziel.